Nieuwsbericht
Media

Toelichting op saneringsheffing en dPi2016

dinsdag 1 november 2016

Er heerst enige verwarring over de vaststelling van de saneringsheffing 2016 door de minister voor Wonen en Rijksdienst en de opname van de 1% reservering voor de saneringsheffing in dPi2016.

Besluit saneringsheffing minister

De minister voor Wonen en Rijksdienst stelt jaarlijks uiterlijk op 1 oktober de hoogte vast van de saneringsheffing voor het lopende jaar. Hij doet dit op basis van een onderbouwd voorstel van WSW als saneerder. Voor 2016 stelde de minister onlangs de heffing vast op nul. Dit betekent dat corporaties in 2016 geen bijdrage in het saneringsfonds hoeven te storten. De saneringsheffing kan jaarlijks maximaal 5% van de gerealiseerde huuropbrengst van de woongelegenheden bedragen.

Reservering saneringsheffing in dPi

Iets anders is dat WSW corporaties jaarlijks vraagt in de in te vullen dPi rekening te houden met de verwachting, de prognose, voor de saneringsheffing. Dit om in een voorkomend geval ook daadwerkelijk hieraan te kunnen bijdragen als de minister daar in zijn jaarlijkse besluit om vraagt.

Voor dPi 2016 (kasstroomprognose en bedrijfswaarde) vroegen wij corporaties hiervoor een reservering te doen van 1% van de totale jaarhuur van de woongelegenheden voor de jaren 2017 tot en met 2021. Of het ook tot een daadwerkelijke betaling komt van een bijdrage per corporatie in het saneringsfonds hangt dus af van het jaarlijkse besluit van de minister.