Voorbeeld berekening
Een voorbeeldberekening, hoe bepalen we het faciliteringsvolume?
Toelichting faciliteringsvolume
Het faciliteringsvolume is gebaseerd op de financieringsbehoefte voor de komende drie jaren en wordt afgeleid uit de kasstroomprognose. Deze financieringsbehoefte bestaat uit investeringsuitgaven ten behoeve van borgbare onroerende zaken en herfinancieringen. Zowel de verkoopopbrengst als het positieve saldo van de operationele kasstromen worden aangewend voor interne financiering.
| I | Toetsing basisbedrag toegekende faciliteringsvolume | ||
| 1 | Berekend faciliteringsvolume uit kasstroomoverzicht volgens dPi: | A | |
| == | |||
| 2 | 50% WOZ-waarde van het geaccepteerde onderpand volgens dVi | +/+ | |
| 3 | Af: geborgde en gestorte leningen volgens de leningenadministratie WSW einde laatste kalenderjaar | -/- | |
| 4 | Af: negatieve stand liquide middelen forecast verslagjaar volgens dPi | -/- | |
| 5 | Bij: herfinancieringen van geborgde leningen drie komende prognosejaren volgens dPi | +/+ | |
| --- | |||
| 6 | Maximaal bedrag aan te trekken leningen met WSW-borging | B | |
| == | |||
| 7 | Toegekende faciliteringsvolume: laagste van A en B | ||
| II | Beschikbaar gestelde faciliteringsvolume | ||
| Indien toegekende faciliteringsvolume is A dan: | |||
| 8 | Claims | +/- | |
| 9 | In het laatste kalenderjaar gestorte leningen voor komende jaren | -/- | |
| 10 | Beschikbaar gestelde faciliteringsvolume A | ||
| == | |||
| Indien toegekende faciliteringsvolume is B dan: | |||
| 11 | Claims | +/- | |
| == | |||
| 12 | Beschikbaar gestelde faciliteringsvolume B |
NB: in dit berekeningsoverzicht is steeds bedoeld de meest recente dPi/dVi maar niet ouder dan achttien maanden.
Met het verstrekken van een nieuw overzicht berekening ‘Toegekende en beschikbaar gestelde faciliteringsvolume’ komt het voorgaande overzicht te vervallen.
Toelichting standaardberekening toegekende en beschikbaar gestelde faciliteringsvolume
Het toegekende faciliteringsvolume is in beginsel gebaseerd op de financieringsbehoefte in de eerste drie prognosejaren en wordt afgeleid uit de kasstroomprognose. Deze financieringsbehoefte bestaat uit investeringsuitgaven voor borgbare onroerende zaken en herfinancieringen van al eerder geborgde leningen. Zowel de verkoopopbrengst als het positieve saldo van de operationele kasstromen moeten gebruikt worden als interne financiering.
1. Berekende faciliteringsvolume uit kasstroomoverzicht volgens dPi
In de toelichting op het kasstroomoverzicht is in hoofdstuk 3.2.5 onder punt 5.14 “Te borgen financieringsbehoefte prognosejaren 1 t/m 3” beschreven hoe het bedrag (A) is berekend.
2. 50% WOZ-waarde van het geaccepteerde onderpand volgens dVi
Het betreft de geaccepteerde onderpandswaarde op basis van de meest recente dVi. Het WSW accepteert geen onderpand dat bezwaard is met zakelijke rechten van derden. Hieronder vallen niet alleen zakelijke zekerheidsrechten maar ook andere zakelijke rechten zoals erfpacht, opstal of vruchtgebruik tenzij aan door het WSW per geval te stellen voorwaarden wordt voldaan.
3. Geborgde en gestorte leningen volgens geborgde leningenadministratie einde laatste kalenderjaar
Op de onderpandswaarde wordt het schuldrestant van de gestorte leningen ultimo laatste kalenderjaar in mindering gebracht.
4. Negatieve stand liquide middelen forecast verslagjaar volgens dPi
Op de onderpandswaarde wordt het negatieve saldo van de liquide middelen van de meest recente dPi, maar die niet ouder is dan achttien maanden in mindering gebracht. Dit saldo staat onder regel 4.4. “Liquide middelen per 31-12”, kolom ‘forecast verslagjaar’ in het kasstroomoverzicht.
5. Herfinancieringen van geborgde leningen komende drie prognosejaren volgens dPi
Het berekende faciliteringsvolume uit het kasstroomoverzicht is inclusief herfinancieringen van geborgde leningen. Herfinancieringen verhogen niet de leningenportefeuille, maar wel het toegekende faciliteringsvolume. Voor een juiste vergelijking (van A en B) moeten de herfinancieringen dan ook, als correctie op de leningenportefeuille, bij het toegekende faciliteringsvolume worden opgeteld. Dit bedrag is terug te vinden op regel 5.9 in het kasstroomoverzicht.
6. Maximaal bedrag aan te trekken leningen onder WSW-borging
Dit is het bedrag waarvoor het WSW borg kan staan op basis van 50% van de WOZ-waarde van het door WSW geaccepteerde onderpand van de deelnemer, rekeninghoudend met de feitelijke stand van dat moment van de geborgde leningen.
7. Toegekende faciliteringsvolume: laagste van A en B
Bedrag A, het berekende faciliteringsvolume, is gebaseerd op investerings- en financieringsactiviteiten. Dit is het bedrag dat de deelnemer aan leningen met WSW borgstelling wenst op te nemen voor de komende drie jaar. Bedrag B is het maximale bedrag waarvoor het WSW borg wil staan op basis van onderpandswaarde. De laagste van deze twee is het toegekende faciliteringsvolume. Het laatstgenoemde bedrag is de basis voor de verdere berekening van het beschikbaar gestelde faciliteringsvolume.
8. Claims
De basis voor het toegekende faciliteringsvolume zoals vastgesteld onder punt 8 kan worden beperkt of verruimd door middel van claims. Claims doen zich voor indien er bijzondere omstandigheden zijn die rechtvaardigen om het toegekende faciliteringsvolume te corrigeren. Het WSW zal een eventuele claim bespreken met de corporatie.
Negatieve claims kunnen zich onder meer voordoen als:
- de operationele kasstromen in de komende vijf jaren en ook daarna negatief blijven;
- de organisatorische situatie nu (of op korte termijn) als zwak wordt betiteld;
- de WSW-deelnemer niet of niet tijdig de gevraagde gegevens aanlevert;
- er sprake is van fusie;
- de swaplimiet wordt overschreden.
Positieve claims kunnen zich onder meer voordoen:
- bij aankoop van borgbare onroerende zaken die niet zijn meegenomen in het meest recente kasstroomoverzicht (niet ouder dan 18 maanden) of toen nog niet te voorzien waren;
- bij vervroegde aflossing van leningen met eigen geldmiddelen, maar achteraf niet doorgaat zodat meer faciliteringsvolume nodig is dan vooraf voorzien;
- door borgbaar vastgoed in ontwikkeling wel mee te tellen als geaccepteerd onderpand;
- bij een op handen zijnde fusie.
9. In het laatste kalenderjaar gestorte leningen voor komende jaren
Het kasstroomoverzicht gaat er vanuit dat nieuw geborgde leningen in hetzelfde jaar benut worden als het jaar waarin de borgbare investeringsuitgaven en herfinancieringen van geborgde leningen zich voordoen. Als het bedrag aan gestorte leningen van de nieuw geborgde leningen in het laatste kalenderjaar hoger is dan de som van de afgeloste leningen en de investeringsuitgaven in het laatste kalenderjaar dan wordt het toegekende faciliteringsvolume voor de komende drie jaren verminderd met dat overschot.
10. Beschikbaar gestelde faciliteringsvolume
Het beschikbaar gestelde faciliteringsvolume is het bedrag dat de deelnemer periodiek (meestal jaarlijks) krijgt om leningen met borging van het WSW aan te trekken voor de financiering van borgbare onroerende zaken en voor herfinancieringen van geborgde leningen voor de komende drie prognosejaren volgens de meest recente dPi (niet ouder dan 18 maanden).
